La renaissance ottonienne, également qualifiée de renaissance ou renouveau du Xe siècle ou de l'an mille, est une période médiévale de renouveau culturel de l'Occident chrétien, qui s'étend du début du Xe siècle aux environs de l'an 1030.Cette période est caractérisée par une indéniable vitalité culturelle, en particulier grâce à l'activité des écoles en Germanie et, de manière plus hétérogène, sur l'ensemble du continent européen.

PropertyValue
dbpedia-owl:abstract
  • La renaissance ottonienne, également qualifiée de renaissance ou renouveau du Xe siècle ou de l'an mille, est une période médiévale de renouveau culturel de l'Occident chrétien, qui s'étend du début du Xe siècle aux environs de l'an 1030.Cette période est caractérisée par une indéniable vitalité culturelle, en particulier grâce à l'activité des écoles en Germanie et, de manière plus hétérogène, sur l'ensemble du continent européen. Dominée par les deux figures intellectuelles majeures que sont Abbon de Fleury et Gerbert d'Aurillac, elle livre également un héritage artistique (livres enluminés) et architectural notable.Plus limité que la renaissance carolingienne qui le précède, et indissociable de cette dernière, le renouveau ottonien conclut également le long essor de l'enseignement au Moyen Âge, du VIe siècle au XIe siècle, avant l'épanouissement culturel de la Renaissance du XIIe siècle.
  • La Rinascita ottoniana chiamata anche Rinascenza o Rinascimento ottoniano dell'anno mille è un periodo medievale di rinnovamento culturale dell'Occidente Cristiano, che si considera essersi sviluppato attorno al X secolo. È un periodo caratterizzato da un'innegabile vitalità culturale, in particolare grazie all'attività delle scuole, in Germania ed in maniera meno diffusa sull'intero continente europeo. Dominata da due figure intellettuali maggiori (Abbone di Fleury e Gerberto di Aurillac) produce una notevole attività artistica (manoscritti miniati) ed architettonica. Più limitata rispetto alla Rinascita carolingia che la precede, e da essa indissociabile, la Rinascita ottoniana conclude ugualmente il lungo sviluppo dell'insegnamento nel Medioevo dal VI all'XI secolo, prima della fioritura culturale del XII secolo.
  • The Ottonian Renaissance was a limited "renaissance" of Byzantine and Late Antique art in Central and Southern Europe that accompanied the reigns of the first three Holy Roman Emperors of the Ottonian (or Saxon) dynasty: Otto I (936–973), Otto II (973–983), and Otto III (983–1002), and which in large part depended upon their patronage.
  • Als Ottonische Renaissance wird teilweise die Anknüpfung an die byzantinische und spätantike Kunst während der politisch maßgeblich von den Ottonen beeinflussten 10. und 11. Jahrhunderte bezeichnet. Die Ottonische Renaissance spiegelt sich besonders in der Architektur und der Goldschmiedekunst durch Verwendung von Spolien und in der Buchmalerei wider. Besonders begünstigt wurde der Einfluss der byzantinischen Kultur durch die Heirat Ottos II. mit der byzantinischen Prinzessin Theophanu.Das Konzept der Ottonischen Renaissance ist in der kunsthistorischen Forschung umstritten: Problematisch ist sowohl die Verknüpfung mit dem Geschlecht der Ottonen als auch der Begriff der Renaissance. Die Ottonen hatten zwar als Auftraggeber bedeutender Kunstwerke Einfluss auf die Moden ihrer Zeit, waren aber nur ein Geschlecht unter vielen, das Bauwerke oder Kunstwerke in Auftrag gab.Der Begriff der Renaissance ist, wie auch bei der Karolingischen Renaissance, umstritten, weil er das Gewicht zu stark auf das Wiederaufleben der Antike und die Säkularisierung des Denkens legt. Den Auftraggebern von Kunstwerken des 10. und 11. Jahrhunderts ging es beispielsweise bei der Verwendung von Spolien nicht darum, die Antike wieder aufleben zu lassen, sondern darum, durch die Spolie dem neuen Objekt in seiner Zeit eine höheren Bedeutungswert zu geben. Wichtig war lediglich das Alter, nicht eine Begeisterung für die Antike als Epoche oder den ursprünglichen Bedeutungsinhalt der Spolie. Beim Essener Kreuz mit den großen Senkschmelzen dient eine Spolie, eine antike Gemme einer die Medusa darstellenden Theatermaske, sogar als ikonographisches Symbol für das durch Christus überwundene Übel. Auch Hrotswit von Gandersheim schrieb ihre Dramen nicht, um die antike Dramentradition wieder aufleben zu lassen, sondern um die als anstößig empfundenen antiken Dramen als Lektüre durch zeitgemäßen christlichen Inhalt zu ersetzen.
  • El Renacimiento Otoniano, también conocido como Renacimiento del año 1000, es un período medieval de renovación cultural del Occidente cristiano que se extiende desde el principio del siglo X hasta alrededor del año 1030.Este período es característico por una gran vitalidad cultural, concretamente en Germania gracias a la actividad de las escuelas y de manera más heterogénea en el resto del continente europeo. Dominado por las dos grandes figuras intelectuales que son Abón de Fleury y Gerberto de Aurillac deja también una herencia artística (livres enluminés) y de arquitectura notable.Más limitado que el renacimiento carolingio que le precede, e inseparable de este último, la renovación otoniana cierra el largo auge de la enseñanza en la Edad Media, del VIº al XIº siglo, antes de la expansión cultural del renacimiento del siglo XII.
  • De Ottoonse renaissance was een beperkte renaissance tijdens de regeringen van de eerste drie keizers van het Ottoonse dynastie. Deze oorspronkelijk Saksische Liudolfingen, die alle drie Otto heten: Otto I de Grote (936-973), Otto II (973-983), en Otto III (983-1002) beschermden de Ottoonse renaissance. Het begon met het huwelijk van Otto de Grote met Adelheid in 951. Hierdoor werden de koninkrijken Italië en Duitsland in een staat verenigd. Zodoende kwam het Westen dichter bij het Byzantijnse Rijk. De keizerlijke kroning in 963 bevorderde de noodzaak van een christelijke (politieke) eenheid. De tijdsduur van de Ottoonse renaissance wordt soms uitgebreid tot de regering van Hendrik II en soms ook met de op de Ottoonse dynastie volgende Salische dynastie. De term wordt in het algemeen beperkt tot de keizerlijke hofcultuur. De Ottoonse renaissance komt vooral tot uiting in de kunst en de architectuur, die werd beïnvloed door hernieuwd contact met Constantinopel. Er wordt nieuw leven geblazen in kathedralen en in sommige scholen, zoals die van Bruno van Keulen, in de productie van geïllustreerde handschriften uit een handjevol elite scriptoria, zoals de abdij van Quedlinburg, die in 936 door Otto I de Grote in 936 werd opgericht en in de politieke ideologie. Het keizerlijke hof werd het centrum van religieuze en spirituele leven, dat werd geleid door het voorbeeld van de vrouwen uit de keizerlijke familie: Mathilde van Ringelheim, de moeder van Otto I de Grote, zijn zuster Gerberga van Saksen, zijn tweede vrouw Adelheid en zijn schoondochter keizerin Theophanu.Na de kroning in 963 van Otto I de Grote tot keizer ontstond er in diens directe kring een hernieuwd geloof in het idee van het Rijk. Ook ontstond er een hervormde kerk; er volgde een periode van verhoogde culturele en artistieke hartstocht. De Ottoonse kunst was een hofkunst, gemaakt om het Heilige en Imperialistische geslacht te bevestigen als een bron van macht die werd gelegimiteerd door de gelegde verbinding met Constantijn en Justinianus I. In deze sfeer versmolten de gemaakte meesterwerken de tradities, waarop de Ottoonse kunst was gebaseerd: schilderijen uit de Late Oudheid, de Karolingische renaissance, en Byzantium. Op deze manier wordt de term gebruikt als een analogon met de Karolingische renaissance, waarvan de start rond 800 lag, het jaar waarin Karel de Grote tot keizer werd gekroond.Een kleine groep van Ottoonse kloosters werd direct door de keizer en de bisschoppen gesponsord. Hier werden een aantal schitterende middeleeuwse geïllustreerde handschriften, de belangrijkste kunstvorm van de tijd, vervaardigd. De abdij van Corvey produceerde enkele van de eerste manuscripten, na het jaar 1000 gevolgd door het scriptorium in Hildesheim. Het beroemdste Ottoonse scriptorium maakte deel uit van de abdij van Reichenau, een eiland in het Bodenmeer: vrijwel geen andere werken hebben het imago van de Ottoonse kunst zo gevormd zoveel als de miniaturen die daar ontstonden. Een van de belangrijkste werken uit Reichenau was de Codex Egberti, met verhalende miniaturen uit het leven van Christus, de eerste cyclus van dit type, in een mix van stijlen, waaronder de Karolingische renaissance en sporen van insulaire en Byzantijnse invloeden. Andere bekende handschriften zijn onder meer het Reichenau-evangeliarium, de Liuther-codex, de perikopen van Hendrik II, de Bamberg-apocalypse en de Hitda-codex.Hroswitha van Gandersheim karakteriseert de veranderingen die tijdens haar leven plaatsvonden. Zij was een non die gedichten en drama schreef, dat gebaseerd was op de klassieke werken van Terentius. De architectuur van de periode was ook vernieuwend en is een voorloper van de latere Romaanse bouwstijl.Politiek bloeiden theorieën van christelijke eenheid en rijk bloeide, evenals herleefde klassieke noties van keizerlijke grandeur in het Westen. Otto II had een Griekse vrouw, Theophanu, en Byzantijnse iconografie deed zijn intrede in het Westen. De Rijksappel werd een symbool van koninklijke macht en de keizers van het Heilige Roomse Rijk werden conform de Byzantijnse mode weergegeven als gekroond door Christus. Het was tijdens zijn poging om de "glorie die Rome was" te laten herleven dat Otto III de Eeuwige Stad Rome zijn hoofdstad maakte en dat hij op Grieks-Romeinse manier de ceremonie aan het hof in omvang deed toenemen.
  • «Оттоновское Возрождение» — краткий период (в конце Х в.) подъёма культурной жизни в Германии при императорах Саксонской династии — Оттонах. При дворе Оттона I возродилась Академия, где собирались просвещённые люди. Здесь развивалась литературная деятельность, переписывались рукописи, предпринимались попытки распространения знания классической латыни и римской литературы. При дворе и некоторых соборах возникли школы. Среди учителей этих школ особенно выделялся учёный монах Герберт (950—1003) — человек незнатного происхождения, один из образованнейших людей эпохи: философ, математик, музыкант, астроном. Он оставил ряд математических, философских, литературных и исторических сочинений, был учителем Оттона III, архиепископом; в 999 г. император возвёл Герберта на папский престол под именем Сильвестра II (999—1003).Образование распространилось не только среди клириков, но и среди мирян, причём его могли получить и мальчики, и девочки. Многие знатные дамы говорили и читали на латыни и славились своей учёностью. Наиболее известной поэтессой была Хросвита Гандерсгеймская (вторая половина X века). При Оттоне II, женатом на византийской принцессе Феофано, усилилось греческое влияние. Особую пышность и утончённость приобрёл быт двора и феодалов. Для «Оттоновского Возрождения» характерно усиление культурных связей с Византией. Это особенно сказалось на расцвете книжного дела и миниатюристики, главным центром которых стал монастырь Райхенау.Это было возрождением во всех возможных смыслах, кроме согласованной попытки возродить античность. Пропитанное религиозным пылом клюнийской реформы, оно провозглашало христоцентрическую направленность духовной энергии, глубоко чуждую универсалистской установке, которая во времена Карла Великого и Карла Лысого пыталась перекинуть мост через пропасть, разделявшую «эру, подчинённую Благодати», от «эры, подчинённой Закону», а последнюю от «эры до закона».
  • Otondar pizkundea Europa erdialde eta hegoaldean 1000. urtearen inguruan izandako pizkunde ekonomiko eta artistikoa izan zen, dinastia saxoiko lehen hiru enperadoreen agintaldian, hirurak Oton izenekoak: Oton I.a (936–973), Oton II.a (973–983) eta Oton III.a (983–1002).Otondar pizkundea katedral eskola berpiztu batzuetan agertzen da, Bruno I.arenean bezala, Koloniako artzapezpiku izan zena, eta argitutako eskuizkribu ekoizpenean, garaiko forma artistiko nagusia, eliteko scriptoria batzuetan, Quedlinburg bezala, Oton I.ak sortutakoa 936an. Abadetza inperialak eta gorte inperiala, bizitza erlijioso eta izpiritualaren gune bihurtu ziren, errege familiako emakumeen eredua jarraituz. Oton, Erroman liturgiak zuen egoeragatik asaldatua geratu zen, eta, beraz, lehen Liburu Pontifikala enkargatu zuen, otoitzak zein errituari buruzko gidak zituen liturgia liburu bat. Gaur egun Erromatar Germaniar Pontifikala bezala ezagutzen den liburuaren bilketa, Mainzeko Gillen artzapezpikuak gainbegiratu zuen.Otondar arteak X. mendearen erdialdetik XI.aren azkena bitarteko aldia hartzen du, denborari dagokionez, eta lurraldez, garai hartako Germaniako Erromatar Inperio Santuaren esparru bera.
dbpedia-owl:thumbnail
dbpedia-owl:wikiPageExternalLink
dbpedia-owl:wikiPageID
  • 1149099 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageLength
  • 82629 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageOutDegree
  • 601 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageRevisionID
  • 109627253 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageWikiLink
prop-fr:année
  • 1957 (xsd:integer)
  • 1964 (xsd:integer)
  • 1968 (xsd:integer)
  • 1973 (xsd:integer)
  • 1977 (xsd:integer)
  • 1981 (xsd:integer)
  • 1983 (xsd:integer)
  • 1989 (xsd:integer)
  • 1997 (xsd:integer)
  • 1999 (xsd:integer)
  • 2002 (xsd:integer)
  • 2006 (xsd:integer)
prop-fr:auteur
  • Richer
  • Gerbert d'Aurillac
  • Fulbert de Chartres
  • Abbon de Fleury
  • Aimoin
prop-fr:col
  • 17 (xsd:integer)
  • 57 (xsd:integer)
  • 163 (xsd:integer)
  • 387 (xsd:integer)
prop-fr:collection
  • Pluriel
  • Quadrige
  • La vie quotidienne
prop-fr:date
  • 2009-07-07 (xsd:date)
prop-fr:directeur
  • oui
prop-fr:id
  • mr
  • sot
  • dlf
  • dma
  • gof
  • jc
  • rv
  • abbon
  • aimoin
  • fulbert
  • gerbert
  • richca
  • richemp
  • richens
  • richer
  • richger
prop-fr:lienAuteur
  • Alain de Libera
  • Claude Gauvard
  • Pierre Riché
  • Michel Zink
  • Jacques Verger
prop-fr:lieu
  • Paris
prop-fr:nom
  • Gauvard
  • Le Goff
  • Michel Sot
  • Riché
  • Verger
  • Zink
  • de Libera
  • Jean-François Sirinelli
  • Bossuat
  • Chélini
  • Pichard
  • Jean-Pierre Rioux
  • Hasenohr
  • Anita Guerreau-Jalabert
  • Jean-Patrice Boudet
  • Louis-Henri Parias
  • Raynaud de Lage
prop-fr:oldid
  • 42751829 (xsd:integer)
prop-fr:prénom
  • Pierre
  • Alain
  • Claude
  • Geneviève
  • Guy
  • Jacques
  • Jean
  • Louis
  • Michel
  • Robert
prop-fr:réimpression
  • 1997 (xsd:integer)
  • LGF, coll. « Pochothèque », 1992
  • Perrin, coll. « Tempus », 2003
  • coll. « Les grandes civilisations », 1984
  • coll. « Pluriel », 1997
  • coll. « Points Histoire », 1985, 2000
  • « Points Histoire », 2005
  • éd., 1994
prop-fr:titre
  • Dictionnaire du Moyen Âge
  • Œuvres
  • Les intellectuels au Moyen Âge
  • Histoire culturelle de la France
  • Des nains sur des épaules de géants. Maîtres et élèves au Moyen Âge
  • Dictionnaire des lettres françaises
  • Histoire religieuse de l'Occident médiéval
  • La civilisation de l'Occident médiéval
  • Histoire générale de l'enseignement et de l'éducation en France
  • Gerbert d'Aurillac, pape de l'an mil
  • Historiarum Libri Quatuor
  • L'Empire carolingien
  • Les Carolingiens. Une famille qui fit l'Europe
  • Écoles et enseignement dans le Haut Moyen Âge
prop-fr:titreVolume
  • Le Moyen Âge
  • Des origines à la Renaissance
prop-fr:url
  • 1 (xsd:integer)
  • 30 (xsd:integer)
  • 1815 (xsd:integer)
prop-fr:vol
  • 138 (xsd:integer)
  • 139 (xsd:integer)
  • 141 (xsd:integer)
prop-fr:volume
  • 1 (xsd:integer)
  • I
prop-fr:wikiPageUsesTemplate
prop-fr:éditeur
  • Arthaud
  • Fayard
  • Hachette
  • Le Seuil
  • PUF
  • Picard
  • Tallandier
  • Nouvelle Librairie de France
dcterms:subject
rdfs:comment
  • La renaissance ottonienne, également qualifiée de renaissance ou renouveau du Xe siècle ou de l'an mille, est une période médiévale de renouveau culturel de l'Occident chrétien, qui s'étend du début du Xe siècle aux environs de l'an 1030.Cette période est caractérisée par une indéniable vitalité culturelle, en particulier grâce à l'activité des écoles en Germanie et, de manière plus hétérogène, sur l'ensemble du continent européen.
  • The Ottonian Renaissance was a limited "renaissance" of Byzantine and Late Antique art in Central and Southern Europe that accompanied the reigns of the first three Holy Roman Emperors of the Ottonian (or Saxon) dynasty: Otto I (936–973), Otto II (973–983), and Otto III (983–1002), and which in large part depended upon their patronage.
  • La Rinascita ottoniana chiamata anche Rinascenza o Rinascimento ottoniano dell'anno mille è un periodo medievale di rinnovamento culturale dell'Occidente Cristiano, che si considera essersi sviluppato attorno al X secolo. È un periodo caratterizzato da un'innegabile vitalità culturale, in particolare grazie all'attività delle scuole, in Germania ed in maniera meno diffusa sull'intero continente europeo.
  • El Renacimiento Otoniano, también conocido como Renacimiento del año 1000, es un período medieval de renovación cultural del Occidente cristiano que se extiende desde el principio del siglo X hasta alrededor del año 1030.Este período es característico por una gran vitalidad cultural, concretamente en Germania gracias a la actividad de las escuelas y de manera más heterogénea en el resto del continente europeo.
  • Otondar pizkundea Europa erdialde eta hegoaldean 1000.
  • «Оттоновское Возрождение» — краткий период (в конце Х в.) подъёма культурной жизни в Германии при императорах Саксонской династии — Оттонах. При дворе Оттона I возродилась Академия, где собирались просвещённые люди. Здесь развивалась литературная деятельность, переписывались рукописи, предпринимались попытки распространения знания классической латыни и римской литературы. При дворе и некоторых соборах возникли школы.
  • De Ottoonse renaissance was een beperkte renaissance tijdens de regeringen van de eerste drie keizers van het Ottoonse dynastie. Deze oorspronkelijk Saksische Liudolfingen, die alle drie Otto heten: Otto I de Grote (936-973), Otto II (973-983), en Otto III (983-1002) beschermden de Ottoonse renaissance. Het begon met het huwelijk van Otto de Grote met Adelheid in 951. Hierdoor werden de koninkrijken Italië en Duitsland in een staat verenigd.
  • Als Ottonische Renaissance wird teilweise die Anknüpfung an die byzantinische und spätantike Kunst während der politisch maßgeblich von den Ottonen beeinflussten 10. und 11. Jahrhunderte bezeichnet. Die Ottonische Renaissance spiegelt sich besonders in der Architektur und der Goldschmiedekunst durch Verwendung von Spolien und in der Buchmalerei wider. Besonders begünstigt wurde der Einfluss der byzantinischen Kultur durch die Heirat Ottos II.
rdfs:label
  • Renaissance ottonienne
  • Otondar pizkundea
  • Ottonian Renaissance
  • Ottonische Renaissance
  • Ottoonse renaissance
  • Renacimiento Otoniano
  • Rinascita ottoniana
  • Оттоновское Возрождение
owl:sameAs
http://www.w3.org/ns/prov#wasDerivedFrom
foaf:depiction
foaf:isPrimaryTopicOf
is dbpedia-owl:wikiPageDisambiguates of
is dbpedia-owl:wikiPageWikiLink of
is foaf:primaryTopic of