L’ordre royal de Jéhova (en suédois : Kungliga Jehovaorden) est un ordre de chevalerie suédois fondé en 1606 par Charles XI. Le collier de cet ordre était seulement porté par le roi.

PropertyValue
dbpedia-owl:abstract
  • L’ordre royal de Jéhova (en suédois : Kungliga Jehovaorden) est un ordre de chevalerie suédois fondé en 1606 par Charles XI. Le collier de cet ordre était seulement porté par le roi. Mais le roi a fait faire à Stockholm trois autres colliers qui furent portés le 15 mars 1607, lors de sa cérémonie de couronnement dans la cathédrale d’Uppsala, par ses deux fils le prince Gustave-Adolphe, duc de Finlande et futur roi de Suède, le prince Carl Philippe duc de Södermanland ainsi que par son gendre, le prince Jean duc d’Östergötland.La devise de cet ordre est « Jehovah solatium meum », en français « Jéhovah, mon consolateur ».
  • Koning Karel IX van Zweden stelde in 1606 een Jehova-orde (Zweeds: "Kungliga Jehovaorden") in. De keten van deze orde werd volgens sommige bronnen alleen door de koning zelf gedragen en deze oude Zweedse ridderorde overleefde het overlijden van de stichter dan ook niet.Zweden bezat in 1606 nog geen eigen ridderorde. De Meest Nobele Orde van de Serafijnen dateert uit 1748. In de tweede helft van de 16e eeuw zou een oudere Serafijnenorde hebben bestaan maar deze orde had voor zover bekend geen statuten. De Koninklijke Orde van het Zwaard dateert eveneens uit 1748 en ook deze ridderorde zou hebben aangeknoopt bij een oudere, en in vergetelheid geraakte, traditie en vorm; in dit geval bij de Lijflandse Orde van de Zwaardridders.De Zweedse koning koos ervoor om in plaats van een pronkketen, zoals veel rijke en machtige heren die in de 15e en vroege 16e eeuw droegen, een ordeketen te dragen. Hij volgde daarin het voorbeeld van zijn Deense buurman die de keten van de Broederschap van de Moeder Gods, voorgnger van de Orde van de Olifant droeg. De Zweedse monarch zal ook bekend zijn geweest met de ketens van de Orde van de Kousenband en de keten van het Gulden Vlies in Engeland en Bourgondië.De naam JHWH – ook wel tetragrammaton (= ‘vierletterig woord’) genoemd – is, nadat klinkers zijn toegevoegd, de naam van God zoals die in het Oude Testament wordt gehanteerd. Het motto van de koning was "Jehovah solatium meum" of in het Zweeds "Gud är min tröst". In het Nederlands te vertalen als "Jehova is mijn troost".Omdat de keten alleen door de koning werd gedragen en de orde geen statuten bezat is het moeilijk om van een middeleeuwse orde, die immers een gemeenschap van ridders was, te spreken. Ze wordt daarom in de faleristische literatuur niet als een volwaardige ridderorde beschouwd. De naam "Jehovaorden" maakt de keten desondanks tot een ordeteken. Ook in andere landen hebben orden bestaan die alleen door de vorst (de Orde van Ali in Perzië) of door de koning en zijn kroonprins (de Orde van de Heilige Prins Lazarus in Servië en later in Joegoslavië) werden gedragen.De keten van de Serafijnenorde bevat volgens Gustav Adolph Ackermann elementen uit de keten van de Jehova-Orde.In 1606 bestelde de koning bij de goudsmid Antonij Groot de Oudere, muntmeester in Stockholm, vier kostbare ketens en vier hangers.De ketens, drie daarvan zijn bewaard gebleven in de koninklijke verzameling in Stockholm, bestonden uit 24 gouden schakels. Twaalf schakels hadden de vorm van twee ineengeslagen gehandschoende handen met daarachter een korenschoof. De korenschoof kwam voor in het wapen van het Huis Wasa. De rijk geëmailleerde schakels waren met rode Pyroop, een granaat, en blauw gesmolten glas versierd.De 12 andere schakels kregen de vorm van rijkversierde renaissancejuwelen met in het midden een grote tafelgeslepen bergkristal.De keten wekt de indruk met tafelgeslepen diamanten, robijnen en saffieren versierd te zijn maar dat is niet zo.Het versiersel of kleinood van de orde is een hanger. In de vroege 17e eeuw waren aan ridderorden nog geen geborduurde sterren verbonden en men droeg dergelijke hangers of kleinoden aan een keten of een lint om de hals. Hier koos de koning een ring van rode granaten met daarin een ster met acht punten. Iedere punt werd met vier tafelgeslepen rotskristallen ingelegd. In het midden is een zeer luisterrijke en heldere bergkristal met daarop het woord "JHWH" in Hebreeuws schrift gekrast. De letters zijn met goud ingelegd. De verbindende ring tussen keten en kleinood is blauw geëmailleerd.Onder het versiersel hangt een kleine bergkristal in een gouden zetting.De ontwerper van de keten en het kleinood is niet bekend. Van de juweliers weten we dat Rupprecht Miller drie van de vier kleinoden heeft vervaardigd. Muntmeester Antonij Groot de Oudere was voor de fabricage verantwoordelijk.Het ontwerp wijkt af van het later gangbare gebruik van kruisen in de kleinoden en emblemen van ridderorden. Ook het gebruik van de Hebreeuwse aanduiding "JHWH" en het gebruik van Hebreeuwse letters is opvallend.De keuze van bergkristal kan worden toegeschreven aan het geloof dat deze kristallen zouden breken of verkleuren wanneer zij met gif in aanraking kwamen. Zo werd de keten een amulet dat de koning beschermde. Vergelijk de Rudolfinische keizerskroon. Het bergkristal was ook een vervanging voor het veel kostbaarder en in die tijd uiterst zeldzame diamant. Diamanten konden in de 17e eeuw moeilijk worden geslepen en gekloofd.De orde wordt op geen van de contemporaine portretten van Karel IX en zijn verwanten gedragen. We weten daarom niets met zekerheid over de wijze waarop men de Orde van Jehova in 1606 heeft gedragen. Op 19e-eeuwse genrestukken wordt de koning afgebeeld met een gouden keten die niet als die van de Jehova-orde te herkennen valt. De orde heeft ook geen rol in de heraldiek van Zweden gespeeld. Er zijn geen afbeeldingen bekend waarop de keten als heraldisch pronkstuk rond een wapenschild is gehangen.Omdat Karel X zelf een orde instelde geraakte de Orde van Jehova al snel in vergetelheid. Toen de Zweedse koning Frederik I zijn land in 1748 een modern decoratiestelsel gaf en drie ridderorden instelde werd de Orde niet meer tot leven gewekt. De Orde van de Serafijnen kreeg haar plaats als de meestal door de Zweedse vorst gedragen hoogste onderscheiding.
  • King Charles IX of Sweden instituted the Royal Order of Jehova in 1606. The collar of this order of knighthood was worn by the king alone. There is a report that three Swedish princes wore a collar at the coronation of Charles IX in the 15th. of March 1606.The king's motto was Jehovah solatium meum or in Swedish Gud är min tröst.
  • Орден Иеговы — орден, учреждённый в 1606 году королём Швеции Карлом IX, девизом которого было выражение на латинском языке: Jehovah solatium meum.
dbpedia-owl:thumbnail
dbpedia-owl:wikiPageID
  • 5431592 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageLength
  • 2137 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageOutDegree
  • 21 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageRevisionID
  • 103681483 (xsd:integer)
dbpedia-owl:wikiPageWikiLink
prop-fr:isbn
  • 894681117 (xsd:integer)
  • 917108469 (xsd:integer)
prop-fr:langue
  • en
  • sv
prop-fr:lienÉditeur
prop-fr:nom
  • Walton
  • Löfström
  • Cederström
  • Conforti
prop-fr:oclc
  • 43489626 (xsd:integer)
prop-fr:pagesTotales
  • 194 (xsd:integer)
  • 659 (xsd:integer)
  • 925 (xsd:integer)
prop-fr:prénom
  • Guy
  • Karl
  • Michael
  • Rudolf
prop-fr:sousTitre
  • 1550 (xsd:integer)
  • guld- och silverstämplar 1520-1850
  • med nådigt tillstånd tillägnad h. m. konung Gustaf V
prop-fr:titre
  • Svenskt silversmide
  • Sverges Riddarordnar
  • Sweden: a royal treasury
prop-fr:wikiPageUsesTemplate
prop-fr:éditeur
  • National Gallery of Art
dcterms:subject
rdfs:comment
  • L’ordre royal de Jéhova (en suédois : Kungliga Jehovaorden) est un ordre de chevalerie suédois fondé en 1606 par Charles XI. Le collier de cet ordre était seulement porté par le roi.
  • King Charles IX of Sweden instituted the Royal Order of Jehova in 1606. The collar of this order of knighthood was worn by the king alone. There is a report that three Swedish princes wore a collar at the coronation of Charles IX in the 15th. of March 1606.The king's motto was Jehovah solatium meum or in Swedish Gud är min tröst.
  • Орден Иеговы — орден, учреждённый в 1606 году королём Швеции Карлом IX, девизом которого было выражение на латинском языке: Jehovah solatium meum.
  • Koning Karel IX van Zweden stelde in 1606 een Jehova-orde (Zweeds: "Kungliga Jehovaorden") in. De keten van deze orde werd volgens sommige bronnen alleen door de koning zelf gedragen en deze oude Zweedse ridderorde overleefde het overlijden van de stichter dan ook niet.Zweden bezat in 1606 nog geen eigen ridderorde. De Meest Nobele Orde van de Serafijnen dateert uit 1748.
rdfs:label
  • Ordre de Jéhova
  • Jehova Order
  • Jehova-orde
  • Орден Иеговы
owl:sameAs
http://www.w3.org/ns/prov#wasDerivedFrom
foaf:depiction
foaf:isPrimaryTopicOf
is dbpedia-owl:decoration of
is dbpedia-owl:wikiPageRedirects of
is dbpedia-owl:wikiPageWikiLink of
is prop-fr:distinctions of
is foaf:primaryTopic of